dinsdag 13 april 2010

Nieuws lezen en filosoferen

Zo'n zes keer per jaar bezoek ik basisschool Icarus in Heemstede om het team te coachen bij het filosoferen. Vandaag was ik te gast bij Juf Nancy, die een vraag had over de nieuwskring in groep zes. Twee kinderen brengen dan een krantenartikeltje mee en gaan daarover in gesprek met de rest van de groep. 'Er staat ongeveer een half uur voor,' vertelt Nancy. 'Maar dat wordt bijna altijd een uur. De vragen die dan naar boven komen, daarover kan je volgens mij ook prima filosoferen. Wil je eens meekijken en meedenken, hoe we dat zouden kunnen aanpakken?' Nou, graag! Ik was heel benieuwd. Kopieën van de gekozen artikelen werden rondgedeeld en toen ging het los! Het bruiste en sprankelde in groep zes toen ze in gesprek gingen over tijgers, die in Friesland worden opgevangen omdat ze eerst uit een dierentuin weg moesten en daarna bij een particulier niet genoeg te eten kregen. Daarna ging het over de prestatie van de 21-jarige Sven Goebel die zijn eigen wereldrecord bierviltjesstapelen verbrak. Dat vierde hij door zijn bouwwerk in één minuut omver te gooien. En ja, Juf nancy had gelijk, de opmerkingen en de vragen die voorbij kwamen lenen zich heel goed voor een filosofisch gesprek. We hebben afgesproken de komende weken hiervoor een werkwijze te bedenken waarbij de kinderen zelf zoveel mogelijk de regie hebben. Een prachtig initiatief, waarmee filosoferen in een heel pure vorm gestalte kan krijgen. Wordt vervolgd en bedankt alvast, groep zessers en Juf Nancy!

zaterdag 10 april 2010

Alles is tijd

De afgelopen tijd lijkt alles wel in het licht te staan van het thema tijd. Al een paar weken filosofeert de bovenbouwgroep op basisschool het Mozaïek daarover; prachtige gedachtegangen hoorde ik. Het ging soms over verleden en heden, of over de toekomst. En over op tijd zijn: 'op tijd, na tijd, voor tijd : het heeft allemaal te maken met tijdstroming.' Tijdstroming? Een mooi woord, en een goed voorbeeld van het vinden en gebruiken van een (tijdelijk!) eigen vocabulaire in de groep. 'Als er iets gebeurt, dan gaat dat in de tijd. Tijd is om alles, net als de zon waar ook alles omheen is.' 'Maar dat alles om de zon draait, is ook maar bedacht. Waarom is daar geen andere ster voor gekozen? De zon is niet de grootste en ook niet het meest dichtbij. Het is een afspraak.' 'Alle tijd die we kennen zou heel anders zijn, als er andere planeten in de kringloop van het heelal zaten.' 'Tijd is ook een kringloop: een dier leeft een tijd en gaat dood, er groeien dan later blaadjes, die worden gegeten door een rups, die door een koolmees, die door een roofvogel en zo maar door.' 'Alles is een kringloop.'
Als alles een kringloop is, kan je dan wel ergens op tijd zijn?
'Misschien wel: elke ochtend is er bij ons in de straat een reiger, precies op dezelfde tijd. Omdat hij dan vissen kan vangen, die zijn op die tijd meestal boven water.' 'Als het regent komen vissen boven, daar komen dieren die vissen eten op af, daar komen weer andere grotere dieren op af, die eten elkaar. En de grootste gaat weer dood, en wordt compost of zo, daar groeien de bomen weer op. Daar heb je die kringloop weer.'
Dan veert een van de kinderen opeens op: 'eigenlijk is alles wat we zeggen, iedere zin, iets met tijd! Ik heb mijn level gehaald = iets met tijd. Ik heb net gegeten=verleden tijd. Alles is een kringloop. Ook een kalender want die keert steeds terug bij het begin. Maar zelfs een kringloop heeft iets te maken met tijd. Het woord zegt het- in een kring – dat gaat oneindig door. Dat heeft dus ook te maken met tijd!' Een ding is zeker: als we een gesprek als dit hebben, hebben we eigenlijk aan de 45 minuten die het rooster ons biedt, niet genoeg.
Dan hebben we gewoon te weinig tijd...

zaterdag 13 maart 2010

Ik maak nooit iets mee

Net als Guus Middag maak ik nooit iets mee, maar gisteren toevallig wel. Want toen was ik op weg naar het station. Net als die andere vrouw, iets jonger dan ik. We liepen langs een boom, waarin geen knop te zien was. Vreemd! De bomen op onze schoolpleinen lieten zelfs al roze bloesems zien, tenminste, aan de zonkant toch? Zij kocht een kaartje, ik haalde mijn chipkaart langs het scherm van de incheckpaal. Ruim op tijd, knikten we naar elkaar. In de trein was nog een plek waar we tegenover elkaar konden zitten. Een jongeman moest daarvoor alleen even twee grote tassen naast hem weg halen. Hij leek niet erg blij met ons.
We vertelden elkaar over onze kinderen, over school, en over de cursus in Middelburg; we spraken over onze moeders - een nog vief en zelfstandig, de ander een vogeltje in een verpleeghuis. Over de verschillen in cultuur in het Zeeuwse, in de Randstad, de bollenstreek, Noord-Holland. Over de Zeeuwse krant, de PZC, die zelfs per regio verschilt: Walcheren is eenmaal Borssele niet en andersom. We hadden het over ontspoorde en getraumatiseerde jongeren, waarvan sommige wonderwel goed terecht komen en anderen ondanks veel goede zorgen toch afzakken en in de problemen blijven raken. Over luizen, schoolkampen en terminale zorg; over schaapskudden en statige notabelen. Ook de jongeman nam af en toe deel aan het gesprek. Hij was op weg naar huis, naar Rotterdam. Gedurende zijn stageperiode had hij een tijdelijke woonruimte in Vlissingen, omdat het anders iedere dag wel een heel eind reizen was. Belangstellend vroeg mijn reisgenote in welke wijk die tijdelijke woonruimte stond. 'O, daar? Heftig voor Zeeuwse begrippen. Daar vliegt wel eens een kogeltje.' De jonge man trok zijn wenkbrauwen op en lachte wat in zichzelf: hij werd soms midden in de nacht wakker van een oorverdovende stilte.
In Dordrecht stapte de vrouw uit. 'Misschien nog eens tot ziens!' 'Ja! Veel plezier bij je familie!' Nee, ik had haar nooit eerder ontmoet. Zo gaat dat, soms. Een trein, mensen die elkaar passeren, een tijdje samen optrekken, delen en weer uiteen gaan.

dinsdag 23 februari 2010

Ontdekking achteraf

Gisteren sprak ik Herman Tibosch van het Kröller Müller Museum. Er zijn plannen voor nieuwe ont-moetingen met kunst. En tijdens de afspraak met de ene educator hoor je ook nog eens iets over een ander: op de blog van educator Robert van Herk van het Maritiem Museum in Rotterdam blijkt een berichtje te staan over mijn bezoek daar, een tijdje geleden. Dat had ik nog niet ontdekt.
En over ontdekken gesproken: vorige week gaf ik een gesprektraining filosoferen met beelden bij CODA in Apeldoorn. Een groep enthousiaste rondleiders en CODA-docenten onderzocht samen naar aanleiding van de tentoonstelling over Wim Hofman de kwestie van het ontdekken. Geeft ontdekken antwoorden, of vragen? Wie het weet, mag het zeggen! (foto: website coda museum apeldoorn)

donderdag 18 februari 2010

Project Filosoferen uit de school afgerond

Hoe kies je de mooiste uitspraak uit heel veel mooie uitspraken? Vandaag was de laatste dag van het project Filosoferen uit de school op Het Mozaïek in Delft. De afgelopen twee dagen zijn er tientallen, misschien wel honderd mooie gedachten voorbijgekomen. Kinderen uit de bovenbouwgroepen hebben nagedacht over kwesties waar Erasmus en Spinoza zich over hebben gebogen, onder andere over Oneindigheid. De jongsten dachten gisteren na over het verschil tussen leren en doen: 'iets wat je doet, dat moet, iets wat je leert, daarvan is het niet zo erg als het nog niet lukt...'
Vandaag deden groep 3 en 4 mee met de filosofische wandeling in de tuin van het Prinsenhof. Trouwe bloglezers zullen misschien denken: hee, daarover heb je 't al gehad, Van Rossum! Maar dit zijn groepen van 'de andere' locatie. Het weer was wat milder, de tuin iets minder sprookjesachtig, de straten nat en glad. Het mocht de pret niet drukken. Prachtige uitspraken over kunst en de kunstwerken: 'kunst is fantasie die niet alleen in je hoofd zit, maar die je echt met je handen maakt.' En: 'je voelt of iets kunst is. Als je het aanraakt, dan weet je het: dit is kunst, of dit is geen kunst.' 'Een boom kan ook kunst zijn, kunst van de natuur.'
Gisteravond en vanavond waren op school de kijkavonden voor de ouders, inclusief een Filosofisch café. Heel wat kinderen en ouders hebben samen gefilosofeerd over de vraag waarover tijdens de filo-wandeling nagedacht werd: hoe weet je of iets kunst is? De laatste filocafégroep vanavond had nog een andere vraag op het menu: De aller-allereerste potloodstreep of verfstreek van Vincent van Gogh, is dat kunst? Filosoferen uit de school is een prachtig project, waarin proces en product mooi met elkaar in balans zijn. Chapeau aan allen die eraan meewerkten!

woensdag 10 februari 2010

Kunst is iets dat je niet kunt na-apen

Vandaag hebben ca 50 kinderen uit groep 3 en 4 van basisschool het Mozaïek meegedaan met de filosofische wandeling in Delft. In de tuin van Museum Het Prinsenhof gingen ze op zoek naar kunstwerken. Hoeveel zie je er? "Twee, drie, elf...' Hoe weet je of iets kunst is?
Al wandelend tussen de dikke stammen van de grote kastanjebomen op het St. Agathaplein bespraken de kinderen deze vraag. Dat leverde verrassende antwoorden op, maar ook nieuwe vragen.
'Kunst, dat is iets dat je niet kan na-apen.'
'Iets is kunst, als jij zegt dat het kunst is.'
En: 'Kunst staat of hangt op een bijzondere plek.'
Kan een oud frisdrankblikje op een bijzondere plek ook kunst zijn? Soms wel! 'Eigenlijk is alles kunst, alles wat met je handen is gemaakt.'
Dat levert weer een nieuwe vraag op; kan een gedachte ook kunst zijn?

zondag 17 januari 2010

Willem

Binnenkort start op Het Mozaïek het groot project. Dit jaar staan Filosoferen en Kunst centraal. Wat een plezier te mogen werken aan een project voor de hele school. En dan ook nog met uitstapmomenten, in mijn eigen stad Delft. Waar gaan we heen? Dat verklap ik hier natuurlijk nog niet. Maar een tipje van de sluier....: onder onze voeten zullen we kinderkopjes voelen, boven onze hoofden steken dikke bomen hun armen uit, een erehaag. We zullen de strenge blik van een weinig spraakzame man over ons heen voelen glijden.
Vanavond liep ik daar toevallig ook langs. Hij stond met zijn rug naar het gesloten hek. En ik vroeg me opeens af: zou dat kunnen? Staat hij altijd op dezelfde plek, in dezelfde houding? Wat gebeurt er, als er niemand is die hem ziet?